Profiel

De mensen van het Versnellingsplan: Fred Gaasendam

Profiel

Fred Gaasendam

Elke week stellen we een ander Versnellingsplanlid aan je voor. Deze week: Fred Gaasendam, Programmamanager BOOST bij de Technische Universiteit Eindhoven en lid van de zone Flexibilisering.

Wat voor student was je vroeger?

Wat voor student? Ik heb in Utrecht aan de Universiteit Utrecht Nederlandse Taal en Letterkunde gestudeerd. Ik vond op de middelbare school Nederlandse proza en poëzie heel erg leuk, dus de keus was snel gemaakt. Als student was ik, en dat ben ik eigenlijk nog steeds, iemand die wordt gegrepen door een onderwerp en zich daar helemaal in kan verdiepen. Ik heb nog de klassieke opleiding met de kandidaats- en doctoraalfase gehad. Vooral tijdens mijn doctoraal kon ik me enorm verdiepen in onderwerpen. Als er dan een hoogleraar was die zei: “je moet eigenlijk even dat boek lezen,” dan deed ik dat. En dan las ik de andere boeken waarnaar verwezen werd, ook nog even. Sommige onderwerpen interesseerden me natuurlijk helemaal niet, maar wat me wel interesseerde, daar dook ik in. Dat doe ik nog steeds. In die zin is het internet natuurlijk bijzonder gevaarlijk voor mij, ha! Een boek uit de bieb halen kost nog wat moeite, het internet is zo bezocht.

Ik heb wel even over mijn studie gedaan. Maar dat kon toen nog. Ik vond het hartstikke leuk om te studeren. De meeste colleges die ik volgde, werden gegeven in het Academiegebouw van de UU. Dan zit je midden in het centrum van de stad, tegenover de Dom en naast de kloostertuin. Dat was precies hoe ik me had voorgesteld dat studeren zou zijn.

Aan de ene kant is Nederlandse taal en letterkunde iets totaal anders dan wat ik nu doe. Aan de andere kant waren sommige aspecten van de studie Nederlands, met name taalkunde, wel exact. Ik ben later de technische kant op gegaan, maar ik heb altijd wel een technische tic gehad. Ik was de student die zelf onder de auto kroop en de beurtjes deed.

Waarom werk je in het onderwijs?

Dat is best grappig hoe dat gegaan is. Ik ben Oostzaan geboren en tot mijn veertiende een echte Amsterdammer geweest. Daarna zijn mijn ouders verhuisd naar Eindhoven –en ja, met 14 moet je dan mee. Dus ik ben ook een halve Eindhovenaar. De Technische Universiteit Eindhoven was dus niet vreemd voor me. Toen ging ik studeren in Utrecht en werken in Amsterdam bij het Amsterdamse energiebedrijf.

Eigenlijk wilde ik docent worden. Daar had ik op ingezet, en ik heb mijn pedagogisch-didactische aantekening gehaald, want ik vond het onderwijs heel leuk. Maar na twee dagen op mijn stage was ik mijn stem al kwijt. Zelfs met allerlei logopedie was de conclusie: dit wordt ‘m niet. Toen dacht ik: wat nu? Ik besloot om te gaan freelancen als journalist en te schrijven voor Nederlandse kranten.

Uiteindelijk ben ik bij het Amsterdamse Energiebedrijf terecht gekomen als bedrijfsjournalist. Daarbij dacht ik: mooie combinatie, schrijven en techniek. Ik heb daar lang gewerkt in een communicatiefunctie en dat paste prima bij me. Na 8-9 jaar kwam de functie voor hoofdredacteur bij het universiteitsblad van de TU/e voorbij, en ben ik daar terecht gekomen. Dat was natuurlijk mooi, omdat ik het onderwijs altijd interessant gevonden heb. Ik vind onderwijs, hoe zeg ik dat zonder dat het te zwaar klinkt, belangrijk voor de vorming van het land.

Kennisoverdracht is belangrijk. Dus bij het universiteitsblad vond ik het heel leuk, maar de techniek bleef trekken. En toen ben ik geswitcht naar de IT-afdeling als informatiemanager en zo in mijn huidige functie terechtgekomen als programmamanager ICT en Innovatie in het Onderwijs, van het BOOST-programma aan te TU/e.

Voor BOOST gebruiken we studievoorschotmiddelen en hebben we nu twee calls uitgezet aan docenten om met ideeën voor onderwijsinnovatie met ICT te komen. Door de response werden we zelf ook verrast! Dat is een enorm succes geworden en we hebben momenteel 37 BOOST!-pilots lopen. Ik coördineer die projecten en praat zo studenten over de ontwikkelingen en innovaties: is dit ook echt kwaliteitsverbetering? Ik volg de initiatieven en als ik zie dat er ergens overlap is, breng ik mensen met elkaar in verbinding. Er komen nog meer calls aan, maar ik vind het mooi om te zien dat het de innovatie bewerkstelligt.

Hoe ben je bij het Versnellingsplan terecht gekomen?

BOOST is een groot programma en daar zijn we nu een jaar mee bezig. De start viel samen met de start van het Versnellingsplan. Door mijn huidige functie zit ik wat dichter op het bestuur, en zo kwam de kennis over het Versnellingsplan bij mij terecht. Ik zag direct veel raakvlakken en intern zijn we toen tot de conclusie gekomen om deel te nemen aan de zone Flexibilisering. We doen daar namelijk al veel met digitalisering, flexibilisering en het beschikbaar maken van onderwijs. De samenwerking in de zone loopt heel soepel. Door kennis en ervaring kan ik bij de zone “halen” en “brengen”.

Het fijne vind ik dat, los van dat je richting moet bepalen met onder andere beleidsstukken, ik eigenlijk vooral bezig ben met pilots en proofs of concept. Dit zorgt ervoor dat het heel concreet is in de vertaalslag naar de praktijk en hele sector. Dan is de vraag: hoe slaat het aan? Zo zien we bij een vak aan de TU/e, dat als daar een student hetzelfde vak aan de UU wil volgen, en andersom, dit echt een drama is om te regelen. Als we voor elkaar krijgen dat dit straks met een klik op de knop kan, slaat dat denk ik aan.

Tijdens de SURF Onderwijsdagen hadden we als zone een sessie over de studentroutes zoals we die hebben geïdentificeerd. We hadden een volle zaal en dan hoor je de reacties van mensen van mijn leeftijd die zeggen dat ze dat zelf ook zo graag hadden gewild. Als ik dat hoor, en ik zie dat er drive en momentum is om nu die veranderingen te bewerkstelligen en te realiseren, dan heb ik er vertrouwen in dat dit van de grond komt.

CV

1957 geboren in Oostzaan

1977-1986 Nederlandse taal en Letterkunde aan de Universiteit Utrecht

Sinds 1993 werkzaam bij de TU Eindhoven

-
Deel deze pagina