Profiel

De mensen van het Versnellingsplan: Mariëlle Taks

Profiel

Mariëlle Taks

Elke week stellen we een ander Versnellingsplanlid aan je voor. Vandaag: Mariëlle Taks, Consultant Onderwijsinnovatie bij Fontys Hogeschool en lid van de zone Aansluiting arbeidsmarkt.

Wat voor student was je vroeger?

Ja, hoe zal ik dat zeggen. Ik was een student die eigenlijk altijd binnen de lijntjes kleurde en deed wat er van je verwacht werd. Ik ben onderwijskunde gaan studeren omdat ik altijd al graag iets met onderwijs wilde doen. Eigenlijk wilde ik diep in mijn hart juf worden. Maar met mijn vwo-diploma op zak dacht ik: “Past dit wel echt bij mij?” Toen ben ik gaan studeren wat er het dichtste bij lag: onderwijskunde.

Mijn studie was echt een academische studie. Eigenlijk heb ik tijdens mijn studie geen praktijkervaring opgedaan. Daar had ik na mijn studie wel behoefte aan, toen wilde ik echt met mijn voeten in de klei. Dus ben ik een tijd bij een uitgeverij gaan werken, omdat ik graag leermaterialen wilde maken. Dat paste toch niet bij me, te commercieel, te weinig diepgang.

Uiteindelijk ben ik gaan promoveren. Dat deed ik, omdat het onderwerp van mijn promotie mij heel erg lag, en ik daar veel interesse in had. Tegelijkertijd was het ook een verlenging van mijn studietijd. Het mooie van mijn promotieonderzoek was dat het praktijkgericht was, precies dat wat ik had gemist tijdens mijn studie. Mijn onderzoek ging over een destijds grote onderwijsinnovatie bij de Pabo en tweedegraads lerarenopleidingen. Zo kwam ik in aanraking met het hoger onderwijs. Daar dacht ik toen echt: nu zit ik op de plek waar ik hoor.

Waarom werk je in het onderwijs?

In het hoger onderwijs bevind je je op het schakelpunt van de ontwikkeling van jonge mensen en het innoveren van de beroepspraktijk. Dat is voortdurend in beweging, en ik vind dat interessant. Na mijn promotie ben ik gaan werken op Hogeschool Windesheim als docent Onderwijskunde. Daar ben ik in de tijd steeds meer projecten bij gaan doen. Het onderwijsvraagstuk omtrent meer vraaggericht leren kwam toen ook in zwang. Daardoor ben ik minder les gaan geven, maar ben me meer gaan richten opvraagstukken als: “Wat vraagt de buitenwereld van onze studenten?” en “Hoe kun je door middel van onderwijs en onderzoek de beroepspraktijk mee innoveren?”

Ik werk nu bij Fonys bij de dienst Onderwijs en Onderzoek als consultant onderwijsinnovatie. Mijn rol is om innovaties die plaatsvinden binnen de instituten te begeleiden en kennis te ontwikkelen. Daarin ben ik met name ook verbonden aan opleidingen in het technische en ICT-domein. In deze regio is daarvoor een erg grote kwantitatieve arbeidsmarktbehoefte. Daarnaast zie je echter ook dat we hier in de regio behoefte hebben aan mensen met andere skills, ook als ze niet direct in de techniek of ICT-sector werken. Omdat hun werk drastisch verandert ten gevolge van de digitale transformatie. Het maakt namelijk niet uit in welke hoek je werkt, je krijgt er toch mee te maken.

Voor mij gaat het binnen mijn werk heel erg over hoe je van betekenis kunt zijn voor de maatschappij en de individuele student. Als het gaat over talentontwikkeling, is dat geen leeg begrip met een uitleg als: “wat is jouw talent, ontwikkel je daar maar lekker in.” Dat moet je doen in de context van de opleiding die de student volgt, zodat die al tijdens de studie kan bijdragen aan maatschappelijke vraagstukken. Voor mijn zijn digitale vraagstukken breder dan alleen digitale vaardigheden, dat gaat ook over de verandering in het leven van mensen, thuis en op de werkvloer.

Hoe ben je bij het Versnellingsplan terecht gekomen?

Nou, daar ben ik bij gevraagd omdat ik al bezig was met veel projecten bij Fontys die een relatie hadden met het thema onderwijsinnovatie en aansluiting op de arbeidsmarkt. We hebben toen als instelling besloten aan vier zones deel te nemen. De zone Aansluiting op de arbeidsmarkt was voor de instelling heel relevant omdat we veel op dit thema inzetten in deze regio. We wilden deelnemen om kennis te delen, verbinding met andere instellingen te leggen, te kijken wat we zouden kunnen ophalen bij andere instellingen.

Een belangrijk vraagstuk is bijvoorbeeld het vraagstuk rond competenties die je studenten moeten hebben na hun afstuderen. Hoe zorg je er als instelling voor dat je die competenties niet in beton giet, maar er adaptief mee omgaat en kunt anticiperen op de veranderende arbeidsmarkt?

Bij de start van het Versnellingsplan waren we als zone echt nog heel breed georiënteerd en was het thema voor de zone nog moeilijk te pakken. We hebben tijd nodig gehad om de focus van het vraagstuk te vinden, en hoe we dat zouden gaan aanpakken. Bovendien vroegen we onszelf vaak af: “En hoe is dit nu versnellend?” Toch zijn we er dit jaar in geslaagd om die focus te vinden, mede doordat we naar veel casuïstiek hebben gekeken. Daarin kwamen zo veel goede voorbeelden voorbij waar we van hebben geleerd. Die voorbeelden hebben voor handvatten gezorgd voor ons als zone om ons werk voor de komende drie jaar te ontwikkelen.

De versnelling zit in de energie van de mensen die hieraan meewerken. Het inbedden van nieuwe ideeën en innovaties in bestaande organisaties en het onderwijs, kost tijd. Met die innovaties verandert namelijk alles, de rollen van mensen binnen het onderwijs, de manier waarop je kennis ontwikkelt en de manier waarop je de didactiek en toetsen inricht. Dat heb je niet van vandaag op morgen geregeld. De opgave is om de vele experimenten en proeftuinen die er in alle instellingen zijn, door te ontwikkelen tot staande praktijken.

CV

1975 geboren in Eindhoven

1993 – 1998 Interdisciplinaire onderwijskunde gestudeerd aan de Radboud Universiteit

1998 – 2003 Promotieonderzoek aan de Universiteit van Twente

Sinds 2015 werkzaam bij Fontys Hogeschool

-

Deel deze pagina