Aansluiting op de arbeidsmarkt verbeteren

Plan van aanpak

Van better naar best naar next practices

Aan de hand van vier werkpakketten werkt deze zone met werkveld, onderzoek en onderwijs aan een verbeterde aansluiting van hoger onderwijs op de arbeidsmarkt. Deze werkpakketten resulteren in:

  1. Richtlijnen voor incorporatie van toekomstgerichte competentieprofielen in het hoger onderwijs;
  2. Inzichten over hoe het hoger onderwijs de ontwikkelingen op en behoeften van de arbeidsmarkt kan vertalen naar onderwijsaanbod voor (nieuwe) doelgroepen (inside-out);
  3. Een methodiek waarmee kennis van bedrijven die voorlopen kan worden opgenomen in het curriculum (outside-in);
  4. Inzicht in hoe onderzoeksinspanningen worden vertaald naar next practices voor onderwijs en werkveld.

 

 

Het plan

Concrete resultaten

Next practices

De productieve samenwerking tussen werkveld, onderwijs en onderzoek op het gebied van digitalisering staat centraal in deze zone. Daartoe ontwikkelt zij methoden en werkwijzen die ervoor zorgen dat het hoger onderwijs en de arbeidsmarkt optimaal op elkaar zijn afgestemd. Dit betekent concreet dat:

  • Er methoden ontwikkeld en beproefd zijn die het mogelijk maken om toekomstgerichte competentieprofielen op te stellen en te onderhouden. Er is een scan ontwikkeld waarmee zowel bedrijven/instellingen als studenten/werknemers een passend competentieprofiel kunnen genereren.
  • Hoger onderwijsinstellingen hun vermogen hebben versterkt om behoeftes van de arbeidsmarkt te vertalen naar onderwijs voor huidige en nieuwe doelgroepen (responsiviteit hoger onderwijs: inside-out);
  • Hoger onderwijsinstellingen een methodiek hanteren om (gegeven de steeds kortere halfwaardetijd van kennis) de samenwerking met het werkveld zo in te richten dat ze kennis van voorloperbedrijven sneller incorporeren in het onderwijs (responsiviteit hoger onderwijs: outside-in);
  • Hoger onderwijsinstellingen beter in staat zijn om (wetenschappelijke) onderzoeksinspanningen te vertalen naar next practices (praktijken van de toekomst) voor werkveld en onderwijs (valorisatie/doorwerking).

De werkzaamheden in de zone leveren ook bouwstenen op voor bestuurders in het hoger onderwijs en de landelijke en regionale overheden om hun beleid over verbetering van de aansluiting op de arbeidsmarkt aan te scherpen.

Producten

Vier werkpakketten

Synchroon aan het werken aan de werkpakketten voeren we ook een inventarisatie uit naar stakeholders die zich beleidsmatig bezighouden met digitaliseringsvraagstukken op de arbeidsmarkt. Deze stakeholders zijn bijvoorbeeld overheidsinstanties, belangenorganisatie en onderzoeksinstituten.
Resultaat: Een kaart van de infrastructuur (netwerk van stakeholders) rond digitalisering op de arbeidsmarkt. Deze kaart wordt gedurende het hele project geactualiseerd.

Veel instellingen voor hoger onderwijs zijn gericht aan het werk om hun contacten met bedrijven te intensiveren. Daarnaast experimenteren de instellingen met innovatieve onderwijsvormen in veelal hybride leeromgevingen. Ook bij de deelnemers van onze zone zijn diverse interessante initiatieven in praktijk gebracht. In 2019 functioneren kritische beschouwingen van deze experimenten als eerste stap richting de eindresultaten over vier jaar.

Werkpakket toekomstgerichte competentieprofielen

Bij twee instellingen van onze zone wordt op basis van een literatuurverkenning een casestudy uitgevoerd naar de manier waarop toekomstgerichte competentieprofielen onderdeel van het beleid en het curriculum zijn.

Resultaat: Een vergelijking tussen twee casebeschrijvingen en richtlijnen voor incorporatie van toekomstgerichte competentieprofielen in het hoger onderwijs.

Werkpakket kwalificering digitale arbeidsmarkt

Bij twee instellingen uit onze zone worden best practices geanalyseerd. Kenmerkend voor deze practices is dat ze snel inspelen op de behoefte van de arbeidsmarkt als gevolg van digitalisering.

Resultaat: Inzicht in hoe het hoger onderwijs de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt kan verbinden met onderwijsaanbod voor (nieuwe) doelgroepen.

Werkpakket voorlopende bedrijven

Twee instellingen beschrijven in de sector techniek en de sector gezondheid exemplarische cases van nieuwe kennis uit voorlopende bedrijven/instellingen en geven aan hoe die kennis zich snel een weg gevonden heeft in het hoger onderwijs. Deze bedrijven/instellingen zullen in overleg met de Sector Adviesraden geselecteerd worden.

Resultaat: Expliciete kennis van voorlopers en hoe die opgenomen kan worden in curricula voor het hoger onderwijs.

Werkpakket next practices

Twee instellingen analyseren hoe in hun instelling kennis voor next practices gegenereerd wordt.

Resultaat: Inzicht in hoe kennisbehoefte van de toekomst in kaart gebracht kan worden.

Werkwijze

Open collective circle

Een ‘open collective circle’, waarin vanuit het team hecht samengewerkt wordt met input van buitenaf, is kenmerkend voor onze werkwijze. Het eerste jaar werken we aan de lange termijn doelen vooral vanuit de goede praktijken die al in de deelnemende instellingen aanwezig zijn. We sluiten het jaar af met een conferentie, waarin we onze resultaten breder delen en anderen de gelegenheid geven ons werk kritisch te beschouwen en input voor de komende jaren te geven. Daarnaast leveren wij vanzelfsprekend een bijdrage aan de SURF-onderwijsdagen.

Voorwaarden voor succes

Van onderzoek naar implementatie

Om succesvol te zijn is een goede interne en externe samenwerking curciaal. Daarnaast is het wegnemen (of minimaliseren) van regels en procedures die flexibilisering in de weg staan van belang, zodat we over de grenzen van instituten heen kunnen denken en werken. Daarvoor is ook een soepelere samenwerking in de onderwijsketen nog. Een ander cruciaal punt is het naar binnen halen en betrekken van de arbeidsmarkt (market-in in plaats van product-out) en het benutten van de dynamiek en snelheid van digitale transformaties.

Versnelling

Dynamische driehoek werkveld-onderwijs-onderzoek

Naarmate de dynamische driehoek werkveld-onderwijs-onderzoek beter functioneert zullen onderwijs en digitale ontwikkelingen op de arbeidsmarkt beter en sneller op elkaar afgestemd kunnen worden. Door deze driehoek centraal te stellen in deze zone wordt versnelling gerealiseerd. Bovendien zorgt samenwerking binnen de zone voor versnelling, omdat instellingen gericht van elkaars kennis en ervaring profiteren. Het wiel hoeft maar één keer uitgevonden te worden. De samenwerking met andere zones zorgt ervoor dat de condities in het hoger onderwijs gecreëerd worden om de aansluiting op de arbeidsmarkt beter te maken. Door in een vroeg stadium wensen en mogelijkheden op elkaar af te stemmen kunnen snel slagen gemaakt worden. De aandacht voor next practices zorgt ervoor dat de kennis van de toekomst snel een plaats vindt in hoger onderwijsopleidingen.

Aanvoerder

Ellen van den Berg

“Geen vakgebied of beroep ontkomt aan de impact van digitalisering. Samenwerking tussen arbeidsmarkt, onderwijs en onderzoeksgroepen van universiteiten en hogescholen is van vitaal belang voor een toekomstbestendige aansluiting op de arbeidsmarkt van hoogopgeleide professionals. Hoger onderwijsinstellingen moeten een visie ontwikkelen hoe om te gaan met de digitale transformatie. Onze zone levert hiervoor bouwstenen aan.

We ontwikkelen methodieken voor het opstellen van toekomstbestendige competentieprofielen. Ook maken we een digitale scan: hoe toekomstbestendig zijn de opleidingen? Het hoger onderwijs heeft kennis in huis die ze beschikbaar kan stellen aan nieuwe doelgroepen. Een goed voorbeeld is het programma ‘Make IT Work’ van de HvA. Daarin worden professionals uit een ander vakgebied in een hoog tempo omgeschoold tot informaticus.

Sommige bedrijven lopen ver voorop in het gebruik van bijvoorbeeld robotica en blockchain. We proberen de kennis uit deze bedrijven eerder te incorporeren in de opleidingen. Tot slot willen we onze onderzoeksinspanningen inzetten om de digitale transformatie in het werkveld tot stand te brengen.

Het komende halfjaar besteden we aan het verbeteren van bestaande good practices. We brengen ook de complexiteit en de uitdagingen in kaart, zodat andere instellingen beter kunnen inschatten of het in hun situatie past. Met toegankelijke beschrijvingen helpen we ze om handen en voeten te geven aan hun visie. Ten slotte kijken we naar de toekomst: wat voorzien we als de next practices?”