Over Versnellingsplan

Over het Versnellingsplan

Kansen voor het hoger onderwijs

Informatietechnologie dringt steeds sneller en dieper door in de maatschappij. De mogelijkheden die ICT biedt groeien in een ongekend tempo. Dit heeft grote gevolgen voor hoe mensen wonen, werken en leren. Niemand kan voorspellen hoe digitalisering over tien jaar het hoger onderwijs zal hebben veranderd. Maar, we weten wel zeker dat digitalisering een grote impact zal hebben.

Er is alle reden om in Nederland fors in te zetten op de benutting van technologie om zo onderwijsinnovatie te versnellen in het hoger onderwijs. Nederland is een compact, hoogontwikkeld en goed georganiseerd land met uitstekende fysieke en digitale infrastructuren. Deze bijzondere combinatie van eigenschappen geeft ons land de unieke kans om wereldwijd voorop te lopen in onderwijsinnovatie.

Uitdagingen

Alle onderwijsinstellingen in Nederland zullen de komende jaren (fors) investeren in digitalisering en innovatie in het onderwijs, en daarbij lastige vraagstukken tegenkomen. Het onderwijs staat voor de opgave de kansen die digitale technologie biedt te benutten:

  1. Technologie kan een bijdrage leveren aan het realiseren van toegankelijker en op maat gesneden onderwijs, en kan daarmee leiden tot minder uitval en betere studieresultaten;
  2. Studenten vragen om meer flexibiliteit in het onderwijs, voor een optimale combinatie van studie, werk en leven;
  3. Studenten leven digitaal en verwachten dit ook in het onderwijs;
  4. De inhoud van beroepen verandert razendsnel, bestaande beroepen verdwijnen en nieuwe ontstaan.

Daarnaast moet het onderwijs de risico’s en bedreigingen die digitalisering met zich meebrengt, het hoofd te bieden:

  1. Wereldwijd leidt technologie in het hoger onderwijs tot grote verschuivingen. Private aanbieders van onlineonderwijs en EdTech-bedrijven vinden een eigen plek op de hoger onderwijsmarkt;
  2. Het gebruik van studiedata biedt grote kansen voor studiebegeleiding op maat, maar levert ook vraagstukken rondom privacy en veiligheid op;
  3. Het grote aanbod aan applicaties maakt een regie op keuzes en op interoperabiliteit noodzakelijk.

Drie ambities

Het Versnellingsplan erkent dat digitalisering grote kansen biedt voor het hoger onderwijs in Nederland en kan bijdragen aan de kwaliteit van het onderwijs. De missie van het Versnellingsplan is om binnen de eigen instelling én in samenwerking met andere universiteiten en hogescholen, ruimte te creëren om substantiële stappen te zetten op het gebied van digitalisering in het hoger onderwijs.

Het Versnellingsplan Onderwijsinnovatie met ICT markeert de stap die universiteiten, hogescholen en SURF gezamenlijk zetten om de krachten te bundelen en ambities versneld te realiseren. Het vierjarig programma loopt van 2019 tot 2022 en is gebaseerd op drie ambities:

  1. Aansluiting op de arbeidsmarkt verbeteren;
  2. Flexibilisering van het onderwijs stimuleren;
  3. Slimmer en beter leren met technologie.

Hiermee verstevigt het Versnellingsplan de positie van het Nederlandse hoger onderwijs in een internationale context als het gaat om onderwijsinnovatie met technologie. Vooral de nationale samenwerking die het Versnellingsplan kenmerkt is uniek.

Met deze ambities werkt het Versnellingsplan aan het Nederlandse leiderschap in onderwijsvernieuwing en onderwijsinnovatie met ICT en technologie. Daarnaast zet het Versnellingsplan Nederland internationaal op de kaart als leider in onderwijsinnovatie waar een unieke nationale samenwerking tussen hoger onderwijsinstellingen is gerealiseerd.

Versnellingszones

Acht zones

Het Versnellingsplan zet in op het samenbrengen van initiatieven, kennis en ervaringen, en snel en concreet aan de slag gaan met thema’s waar synergie mogelijk is en kansen liggen voor het hoger onderwijs. We volgen daarbij een ‘scrum’ aanpak: we weten welke kant we op willen en hebben een aantal hoofddoelen gesteld, maar de wijze waarop we daar komen staat niet van tevoren vast. Het Versnellingsplan vormt een platform waarin initiatieven gedeeld en aangejaagd kunnen worden.

Het Versnellingsplan is opgedeeld in acht Versnellingszones waarbinnen 39 universiteiten en hogescholen samenwerken. Elke Versnellingszone heeft een Versnellingsteam dat bestaat uit vertegenwoordigers van de deelnemende instellingen. Elk Versnellingsteam wordt geleid door een of twee aanvoerders.

De acht versnellingszones

Faciliteren en professionaliseren van docenten

Het continue verbeteren van onderwijs vanzelfsprekend maken

Aan de zone Faciliteren en professionaliseren van docenten nemen negentien instellingen deel. De zone richt zich op de spil van onderwijsinnovatie: de docent. Hoe kan die docent zinvol ondersteund worden met kennis, vaardigheden en faciliteiten om de mogelijkheden van ICT in het onderwijs optimaal te benutten?

Lees meer.

Aansluiting op de arbeidsmarkt verbeteren

Sneller inspelen op de digitale transformatie

De productieve samenwerking tussen werkveld, onderwijs en onderzoek op het gebied van digitalisering staat centraal bij de zone ‘Aansluiting op de arbeidsmarkt verbeteren’. Een ‘open collective circle’, waarin vanuit het team hecht samengewerkt wordt met input van buitenaf is kenmerkend voor onze werkwijze. Zo willen we ervoor zorgen dat het Hoger Onderwijs en de arbeidsmarkt optimaal op elkaar afgestemd zijn.

Lees meer.

Flexibilisering van het onderwijs

Een flexibeler systeem voor studenten

De zone ‘Flexibilisering van het onderwijs’ is met zeventien deelnemende instellingen één van de grootste zones van het Versnellingsplan. Flexibilisering is een multidisciplinair vraagstuk met onderwijskundige, organisatorische en technologische facetten. Het team van de zone kijkt integraal naar flexibel onderwijs, redenerend vanuit de student journey. Iedere instelling kiest daarbij een eigen focus, passend bij de eigen dynamiek.

Lees meer.

 

Naar digitale (open) leermaterialen

De optimale mix van leermaterialen bepalen en gebruiken

Het team van de zone ‘Naar digitale (open) leermaterialen’ heeft de ambitie ervoor te zorgen dat in 2023 docenten en studenten bij leer- en onderwijsprocessen de mogelijkheid hebben een optimale mix van leermaterialen te gebruiken. Het team verkent wat nodig is om die ambitie te realiseren en werkt aan concrete oplossingen voor docenten en studenten die hiermee aan de slag willen.

Lees meer.

Veilig en betrouwbaar benutten van studiedata

Een taal om over studiedata te praten

De zone ‘Veilig en betrouwbaar benutten van studiedata’ werkt aan de randvoorwaarden om studiedata te kunnen analyseren. We kijken naar de stappen die nodig zijn om analyses veilig, betrouwbaar en herhaalbaar uit te voeren, naar organisatorische randvoorwaarden – zoals strategie, privacy en HR – en naar mogelijkheden voor analyses op nationaal niveau.

Lees meer.

Evidence-informed onderwijsinnovatie met ICT

Kennisuitwisseling makkelijker maken

Het team van de zone ‘Evidence-informed onderwijsinnovatie met ICT’ streeft er naar de kennisinfrastructuur te versterken, zodat de kennis over onderwijsinnovatie met ICT wordt gebruikt en aangedragen door docenten, ondersteuners en onderzoekers.

Lees meer.

Versnelling van onderwijsinnovatie met EdTech

Nederland leidend op het gebied van onderwijstechnologie

De ontwikkelingen in de EdTech-sector (Educational Technology) kunnen een goede bijdrage leveren aan het versnellen van onderwijsinnovatie. Er zijn echter veel belemmeringen voor EdTech bedrijven. Zoals complexe wet- en regelgeving, gebrek aan standaardisatie en risico-aversie bij ondersteunende afdelingen. Hierdoor blijft echte onderwijsinnovatie met EdTech versnipperd en ontbreekt vaak de aansluiting bij de behoeftes en verwachtingen van studenten en docenten. Het team van de zone ‘Versnelling van onderwijsinnovatie met EdTech’ wil deze situatie veranderen en van Nederland een vruchtbare broedplaats maken voor (startende) EdTech-bedrijven.

Lees meer.

Gezamenlijk koersen op versnelling

Draagvlak creëren voor onderwijsinnovatie

De initiatieven van het versnellingsplan dragen bij aan de transitie van het Nederlands hoger onderwijs naar een hoger onderwijs dat de kansen van de digitalisering benut. Deze transitie vraagt een dialoog van bestuurders, ministerie van OCW, NVAO, NWO, KNAW, NRO en andere stakeholders in het hoger onderwijs. Hieraan werkt de zone ‘Gezamenlijk koersen op versnelling’ dat bestaat uit zestien bestuurders van hogescholen en universiteiten.

Lees meer.

Realisatie van het programma

Elke versnellingszone heeft één of als nodig meer versnellingsteams. Deze versnellingsteams vormen de kern van het Versnellingsplan. Een versnellingsteam bestaat uit een of meerdere aanvoerders en meerdere teamleden. Aanvoerders en teamleden zijn in dienst van de universiteit of hogeschool die zij vertegenwoordigen. Zij hebben, naast het werk in het versnellingsteam, een belangrijke taak in hun eigen instelling om de innovatie op het gebied van de versnellingszone in hun instelling verder te brengen. Daarnaast werken de teamleden aan gemeenschappelijke ambities. De versnellingsteams bepalen zelf, in de context van bestaande (nationale) ontwikkelingen, welke vraagstukken zij willen adresseren, welke planning ze volgen en welke aanpak ze kiezen om tot concrete, schaalbare resultaten te komen. Om hun ambities te realiseren kunnen versnellingsteams een beroep doen op een ondersteuningsteam.

Het ondersteuningsteam beschikt over technische, beleidsmatige en juridische expertise en zet deze flexibel en vraaggestuurd in om de versnellingsteams te ondersteunen. Het ondersteuningsteam helpt om de resultaten en ervaringen van een versnellingsteam ten goede te laten komen aan alle instellingen. Daarnaast legt het ondersteuningsteam verbanden tussen alle vragen die zij ontvangen om de versnellingsteams zo efficiënt
mogelijk te ondersteunen.

Regie over de uitvoering van het programma

Het team dat de komende vier jaar de regie voert over het Versnellingsplan onderwijsinnovatie bestaat uit een programmateam en een stuurgroep.
Het programmateam bestaat uit medewerkers van de Vereniging Hogescholen, Vereniging van Universiteiten en SURF. Zij faciliteren de versnellingsteams, het ondersteuningsteam en de stuurgroep. De stuurgroep is verantwoordelijk voor het bepalen van de overkoepelende ambitie en borgt dat deze wordt gehaald. De stuurgroep bestaat uit:

Hans Nederlof en Anka Mulder namens de Vereniging Hogescholen
Arthur Mol en Anja Oskamp namens de Vereniging van Universiteiten
Erwin Bleumink namens SURF
Roos van Leeuwen namens de Landelijke Studentenvakbond (LSVb)
Eline van Hove names Interstedelijk Studentenoverleg (ISO)
Jantina Walraven is names het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) toehorend lid van de stuurgroep.

Financiering van het Versnellingsplan

Het budget van het Versnellingsplan bestaat uit de investeringen die instellingen doen, investeringen die VSNU, VH en SURF doen en een bijdrage van het Ministerie van OCW.

Elke instelling die deelneemt aan het Versnellingsplan, investeert jaarlijks een substantieel bedrag op het thema van de versnellingszone waar de instelling aan meedoet. Voor een grote instelling is dit minimaal € 250.000 per jaar per zone, voor kleinere instellingen gelden andere minimumbedragen afhankelijk van de omvang van de instelling. Deze investering kan de vorm hebben van al lopende programma’s of projecten en deze middelen blijven binnen de eigen instelling. Als een instelling in verschillende zones wil participeren wordt de totale eigen investering daarmee hoger. Daarnaast investeren instellingen in de samenwerking in de versnellingsteams, door medewerkers daarvoor vrij te maken. Er is geen rapportage- of verantwoordingsplicht over de geïnvesteerde middelen in de eigen instelling richting het Versnellingsplan, een jaarlijkse beknopte onderbouwing van de minimale investering en inhoudelijke voortgang volstaat.

Vanuit het programmabudget, dat wordt opgebracht door SURF, VSNU, VH en OCW, worden de aanvoerdersvan de versnellingsteams, het ondersteuningsteam en het programmamanagement gefinancierd. Ook is programmabudget beschikbaar voor de disseminatie van de resultaten van de acht versnellingszones naar alle universiteiten en hogescholen.